Vernieuwing in de praatindustrie

december 16, 2011

Ooit vertrouwde een partner van een groot adviesbureau mij toe dat er bij hen evenveel theorieën over leiderschap zijn als er mensen werken. “Tja, want wat is leiderschap nou precies? Daar hebben we toch zo allemaal onze eigen ideeën over.” De uitspraak wordt geïnspireerd door een stroming die al decennia het denken over mensen en organisaties domineert: sociaal constructivisme. Dit stelt dat onze sociale realiteit een construct is, iets dat we samen bedacht hebben. Leiderschap zou bijvoorbeeld iets zijn dat door mensen bedacht is en iemand in een andere cultuur kan er iets heel anders onder verstaan. Sterker, ieder persoon kan er iets anders onder verstaan. Zoveel theorieën als werknemers dus. Is dat erg?

Ik stelde mijn gesprekspartner een vraag: je theorie bepaalt je aanpak toch? Hij moest even nadenken. Ja, dat klopt, met andere aannames zal je een andere aanpak kiezen. Ik pakte door: en je aanpak bepaalt je resultaat toch? Hier hoefde hij niet over na te denken, dat was duidelijk. Dit bracht mij bij mijn pointe: dus je theorie bepaalt je resultaat en een betere theorie zal een beter resultaat geven. Deze laatste stap gaat vaak iets te snel voor de hardcore constructivisten. Want waarom zou de ene theorie beter zijn dan de ander? Het gaat er uiteindelijk toch om wat jij als goed ervaart?

Wetenschap of beleving
Wat de laatste decennia wetenschappelijk onderzoek ons laten zien is dat veel van wat menselijk is, geen sociaal construct is, maar geworteld in onze biologie. Iets vaags als eerlijkheid of empathie wordt gewoon door de genen in het brein gebouwd. Ook leiderschap is niet iets dat mensen bedacht hebben, maar dat door evolutie in onze genen is geprogrammeerd. Er zitten duidelijke wetmatigheden in hoe mensen reageren op leiders en deze wetmatigheden vinden we in elke cultuur terug (uitleg: http://tiny.cc/xful4).

Wat een theorie goed maakt is niet dat je er een goed gevoel bij hebt of dat de theorie goed aansluit bij je beleving. Wat een theorie goed maakt is de mate waarin het aansluit bij de feiten. En hoe beter de theorie aansluit bij de feiten, hoe beter de aanpak zal zijn. Een opleiding voor leidinggevenden die gebaseerd is op een solide theorie van wat leidinggeven is, zal een beter rendement hebben dan een die gebaseerd is op nonsens. Beleving is belangrijk, maar het is een zwak fundament voor een aanpak.

De kracht van beleving
Het sociaal constructivisme begint al steeds meer te wankelen. De enorme populariteit van studies over het brein laat duidelijk zien dat mensen behoefte hebben aan meer concrete feiten. Maar het gaat niet zonder slag of stoot, er zijn zware belangen mee gemoeid.

Wanneer iedereen een mening mag hebben die even geldig is, kan iedereen expert zijn. Het organisatie- adviesbureau heeft tientallen experts op het gebied van leiderschap, ook al hebben ze allemaal een andere theorie over wat leiderschap is (stel je voor, een ziekenhuis waarin alle chirurgen een ander idee hebben over wat de lever is). Hetzelfde geldt voor andere onderwerpen als prestatie, motivatie, communicatie, innovatie en talentontwikkeling. Iedereen die een mening of een goed verhaal heeft kan expert zijn. Als het maar goed voelt. Want, zoals iemand ooit als commentaar op mijn blog schreef: waarheid bestaat niet, alleen beleving en authenticiteit telt.

Het is dit soort quasi diepzinnige prietpraat waarmee de hardcore constructivisten zich afschermen en hun eigen status als expert beschermen. Verandering is niet in hun belang. Het is natuurlijk wel in het belang van de klant, die zou zeker baat hebben bij iets meer wetenschap en iets minder beleving.

Advertenties

Brein zin- en onzin

april 22, 2011

Tegenwoordig struikel je overal over het brein. Van breinleren tot het puberbrein. Er is zelfs een breinboek voor managers. Mijn eerste reactie op de hype was scepsis. Brein-leren klonk voor mij een beetje als long-ademen of maag-eten. Ik kon er de toegevoegde waarde niet van zien. Ondertussen ben ik wel om, zij het wel met een paar serieuze kanttekeningen.

Je kunt op twee niveaus naar het brein kijken: wat het doet (functionaliteit) en hoe het dit doet (fysieke mechanismen). Vergelijk het met het maken van een powerpointe presentatie. Om dit goed te kunnen heb je kennis nodig van de functionaliteit van powerpointe. Kennis van hoe een grafische kaart werkt of hoe RAM geheugen wordt gealloceerd heb je niet zo heel veel aan. Op dezelfde manier is het voor een manager of docent belangrijk te weten hoe motivatie werkt (functioneel niveau), welke hormonen (fysieke mechanismen) daarbij een rol spelen heeft weinig toegevoegde waarde.

De functionaliteit van het brein wordt beschreven in de psychologie. Psychologische theorieën beschrijven bijvoorbeeld hoe mensen gemotiveerd raken. Veel van de nieuwe inzichten in het brein stellen psychologen in staat deze theorieën te toetsen en verbeteren. Voor hen zijn deze inzichten dus belangrijk. Maar voor de mensen in de praktijk voegen deze breininzichten niets concreets toe. Weten waar in je hersens motivatie ontstaat helpt je niet beter te motiveren. Een goede theorie over hoe motivatie werkt kan daarentegen wel helpen. De breinrevolutie biedt ook niet veel nieuws op het functionele niveau. Het meeste dat ik bij breinleren zie was 30 jaar geleden al bekend in de cognitieve psychologie. Of neem spiegelneuronen. Dat mensen automatisch elementen van elkaars gedrag kopiëren was reeds lang bekend in de psychologie. De ontdekking van spiegelneuronen (de hersencellen die hier verantwoordelijk voor zijn), is fantastisch, maar van geen enkele toegevoegde waarde in de praktijk.

Breinillustratie
Begrijp mij niet verkeerd, ik ben een groot fan van het brein en vind dat iedereen meer zou moeten weten over dit fascinerende orgaan. Mijn enige punt is dat wanneer je menselijk gedrag wilt begrijpen, het brein niet het meest logische startpunt is. Net zoals elektrotechniek geen logische startpunt om powerpointe te leren. Breinkennis kan echter wel een goede ondersteuning bieden. Ik gebruik bijvoorbeeld zelf vaak een model van de hersenen om uit te leggen hoe de relatie tussen denken en emotie werkt. Mensen kunnen zich dan beter iets voorstellen bij wat er in hun hoofd gebeurd. Onderzoekers van de Yale universiteit hebben dit zelfs onderzocht. Ze gaven studenten een psychologische verklaring van een bepaald soort gedrag. In een groep werd die verklaring vergezeld van een beschrijving van gebieden in de hersenen die bij dit gedrag betrokken zijn. De fysiologische verklaring had inhoudelijk geen enkele toegevoegde waarde, maar het effect was wel dat de verklaring beter aankwam bij deze groep.

De enorme toename van breinkennis maakt het mogelijk steeds meer van de werking te illustreren. In die zin is de nieuwe breinkennis uitermate waardevol. We moeten het echter wel op de juiste manier inzetten. Stel iemand snijd je af op de snelweg. De situatie is levensgevaarlijk en na vreselijk te zijn geschrokken ontsteek je in woede. Ik merk vervolgens op dat je frontale cortex te weinig controle heeft op impulsen vanuit je limbisch systeem en je daarom begint te schelden. Of dat je boos bent omdat je noradrenaline niveau te hoog is. Begrijp ik je nu beter of slechter?

Hardwareguru’s
Toen ik een cursus evolutionaire psychologie voor coaches aankondigde kwamen 5 mensen kijken op mijn site. Toen ik de naam veranderde Brain Based Coachen had ik binnen een paar uur 70 bezoekers. Het brein is fascinerend en spreekt aan. Het is dan wat suf om op wetenschappelijke correctheid te staan. Wat belangrijker is, is professionals niet te vermoeien met breinfeitjes die niets verklaren, maar alleen beschrijven (hormonen verklaren je boosheid niet, het is alleen de fysieke kant ervan). Breinfeitjes zijn geen vervanging voor psychologie, ze zijn een onderbouwing en illustratie. Dus laat je niet gek maken door hardwareguru’s die geen kaas hebben gegeten van powerpointe.

Cursus Brain Based Cursus


Leading by omission

december 26, 2009

If successful business depends on innovation, wonders Ricardo Semler, why are automobiles made essentially the same way today as they were in Ford’s first assembly line 100 years ago? See Ricardo Semler at MIT >>


Darwin en sociale innovatie

maart 23, 2009

Charles Darwin heeft geen beste naam als het om sociale innovatie gaat. De evolutietheorie van Darwin was bijvoorbeeld de inspiratie achter veel van het misdadige beleid van de Nazi’s. Dit heeft het darwinisme weinig populair gemaakt bij sociale vraagstukken. Toch is juist de evolutietheorie  de sleutel tot werkelijk duurzame sociale innovatie in organisaties. In dit artikel leg ik uit waarom.

Lange tijd is er van uitgegaan dat de mens alleen door zijn omgeving wordt gevormd. Hij is als het ware een blanco blad dat wordt beschreven door ervaring. Daarom heeft de mens ook nooit zo’n centrale plaats ingenomen in het management denken. De belangrijkste vraag was vooral hoe processen zo efficiënt mogelijk in te richten. De mens past zich gewoon aan, hij is maakbaar. Zijn de  taken goed beschreven, dan is prestatie slechts een kwestie van trainen en belonen.

In onze moderne economie lopen we snel tegen de grenzen van dit denken aan. Sommige van de meest efficiënte management systemen blijken bijvoorbeeld dodelijk voor creativiteit en de betrokkenheid van medewerkers. Het invoeren van Six Sigma bij 3M (uitvinder van o.a. de post-it) bracht bijvoorbeeld grote schade toe aan het innovatieve karakter van de organisatie. In Businessweek druk 3M CEO George Buckley het als volgt uit; You can’t put a Six Sigma process into that area and say, well, I’m getting behind on invention, so I’m going to schedule myself for three good ideas on Wednesday and two on Friday. That’s not how creativity works.

Context
De wetenschap ontdekt steeds meer dat de mens allesbehalve een onbeschreven blad is. Miljoenen jaren evolutie hebben verschillende belangen en mechanismen in onze hersenen gebouwd. Neem eerlijkheid. Mensen overal ter wereld vinden dit belangrijk, maar in sommige situaties is het evolutionair niet zinvol om eerlijk te zijn. Het is dan ook redelijk voorspelbaar in welke situaties mensen meer of minder eerlijk zullen zijn. Hetzelfde geld voor zaken als betrokkenheid, creativiteit en proactiviteit. Sommige situaties maakt het een natuurlijke reactie, andere niet. In dit weblog vind je meerdere artikelen die dit principe illustreren (werk en evolutie).

Mensen reageren instinctief op de context waarin ze zich bevinden. Dit zijn subtiele processen die onze manier van kijken en motivatie beïnvloeden. Organisaties creëren ook een context, bijvoorbeeld door de wijze waarop werk georganiseerd is of mensen worden aangestuurd. Mensen reageren hier op, vaak onbewust, maar met vergaande gevolgen. Daarom rennen in sommige organisaties de medewerkers zich het vuur uit de sloffen, terwijl ze in andere organisaties alles aangrijpen om de boel te saboteren.

Zelfsturing
Een tijdje terug las ik in Management Team een artikel tegen waarin zelfsturing in teams werd gerekend tot een van de 10 mythes om snel te vergeten. “In de praktijk blijkt een systeem van zelfsturende teams een continu gevecht tegen het opkomen van natuurlijk leiderschap en een zekere mate van taakverdeling” zo viel te lezen. Dit zal ook een onmogelijke strijd zijn, want de mens is van nature hiërarchisch ingesteld. Zet vijf willekeurige mensen bij elkaar en binnen vijf minuten is duidelijk wie waar staat. Ook taakverdeling is typisch menselijk gedrag, het is een van de dingen die ons mensen zo succesvol heeft gemaakt. Probeer je zelfsturing te realiseren door natuurlijk leiderschap en taakverdeling de kop in te drukken, dan is dit zeker gedoemd te mislukken.

Zelfsturende teams is een van de meest natuurlijke werkvormen. En dit gaat al honderdduizenden jaren hand in hand met natuurlijk leiderschap en taakverdeling (dit is ook te zien bij nog levende jager verzamelaars). Problemen bij implementatie van zelfsturing vloeien over het algemeen voort uit verkeerde aannames over de menselijke natuur. Natuurlijk leiderschap is bijvoorbeeld vaak helemaal niet zo natuurlijk in moderne organisaties (een punt waar ik in een volgend artikel op terug zal komen).

Succes in sociale innovatie is in hoge mate afhankelijk van hoe goed we weten aan te sluiten bij de menselijke natuur. Het toepassen van de evolutietheorie in de psychologie heeft de laatste jaren tot een enorme toename van kennis over die menselijke natuur geleid. Deze kennis zou wel eens de sleutel kunnen zijn tot echte duurzame sociale innovatie in organisaties.

Meer weten over evolutie en werk: bestel hier Darwin voor Managers
Zie ook:  de Human Performance Contextscan (HPC)