Darwin voor managers

oktober 12, 2008

Een van de belangrijkste uitdagingen voor de moderne manager is gelegen in de vraag hoe prestaties van kenniswerkers te verbeteren. Hoe deze uitdaging wordt aangegaan, wordt altijd bepaald door onze aannames over de menselijke natuur. En het is in deze aannames dat de laatste tien jaar een revolutie gaande is in de wetenschap, een revolutie die praktische consequenties heeft voor de uitdagingen waar de moderne manager tegenover staat.

Achter elke poging productiviteit te verbeteren zitten aannames over de menselijke natuur. Achter complexe beloningsstructuren zit bijvoorbeeld de aanname dat menselijk gedrag wordt gemotiveerd door mogelijke consequenties in de vorm van straf of beloning. We zijn ons niet altijd even bewust van deze aannames, maar ze bepalen wel de aanpak die we kiezen. En ze bepalen hoe effectief we zijn. Stanford business professor Jefrey Pfeffer betoogt op basis van zijn eigen onderzoek dat verkeerde aannames over hoe mensen in elkaar zitten de belangrijkste oorzaak zijn van miskleunen van management.

Voor wetenschappelijke inzichten in menselijk gedrag moeten we natuurlijk bij de psychologie zijn. De psychologie is echter sterk gefragmenteerd, ze biedt geen consistent plaatje van de menselijke natuur waar praktijkmensen mee aan de slag kunnen. Vraag twee psychologen wat motivatie of talent is en je krijgt waarschijnlijk twee verschillende antwoorden. In deze situatie lijkt nu langzaam verandering te komen met de opkomst van de evolutionaire psychologie. Deze jonge stroming biedt nu al een sterker raamwerk voor het begrijpen van mensen, dan de psychologie ooit heeft gehad. Desondanks is er nog veel weerstand tegen deze benadering bij traditionele psychologen en de stap naar de praktijk is nog nauwelijks gemaakt.

De evolutionaire psychologie

Het uitgangspunt van evolutionaire psychologie is dat het menselijk brein een product is van evolutie. Net zoals onze handen en voeten geëvolueerd zijn om bepaalde uitdagingen aan te kunnen gaan, geldt dit ook voor onze hersenen. De functie van de hersenen is onder meer het herkennen van situaties die relevant zijn voor ons reproductief succes (de kans dat onze genen zich verspreiden), en hier vervolgens gepast op te reageren. Dit gaat niet alleen over het vinden van de juiste partner en het beschermen van je kinderen, in elk aspect van het leven maken we keuzes die in mindere of meerdere mate een effect hebben op reproductief succes. Op individueel niveau (en zeker in ons moderne leven) kunnen die effecten vaak moeilijk zichtbaar zijn, maar over de miljoenen jaren waarin evolutie werkt hebben ze wel de werking van het brein gevormd. Evolutionair psychologen proberen dit proces te begrijpen en zo menselijk gedrag te verklaren. Dit geeft inzicht in de manier waarop mensen situaties (vaak onbewust) interpreteren en hier op reageren.

De moderne context

Typisch voor mensen is dat de moderne context waarin wij leven sterk verschilt van de natuurlijke context waarin ons brein is geëvolueerd. Dit verschil kan soms tot problemen leiden. Neem onze voorkeur voor vet eten en zoetigheid. In de natuurlijke context zorgde deze smaakvoorkeur er voor dat we de juiste voeding binnen kregen, in de moderne context dat we hartkwalen en overgewicht krijgen.

Er kan echter een verschil zijn in de mate waarin de moderne context afwijkt van de natuurlijke. Neem bijvoorbeeld de manier waarop wij werken. Mensen hebben altijd moeten werken voor hun brood. In de natuurlijke context deden ze dat in kleine groepjes die nauw samenwerkten en een duidelijk gezamenlijk doel hadden (dood de giraffe bijvoorbeeld). In veel succesvolle moderne ondernemingen zie je dezelfde opzet: kleine teams met veel zelfsturing en heldere doelen. Maar er zijn ook organisaties waarin de afwijking veel groter is, bijvoorbeeld in grote anonieme kantoorparken waarin iedereen langs elkaar heen werkt.

De mate waarin de moderne context afwijkt heeft direct gevolgen voor het functioneren van mensen. Onderzoeksbureau FlowQ heeft op basis van inzichten uit de evolutionaire psychologie de Human Performance Contextscan (HPC) ontwikkeld. De HPC brengt aspecten van de context in kaart die belangrijk zijn in werk. Data van onderzoek bij diverse bedrijven laat zien dat wanneer de afwijking klein is, medewerkers sterker gemotiveerd zijn en optimaler functioneren.

Motivatie en commitment

Motivatie hangt bijvoorbeeld deels samen met de wijze waarop mensen samenwerken. In de natuurlijke context was het belangrijk voor het individu om een wezenlijke bijdrage te hebben in de groep. De evolutionaire logica achter menselijke samenwerking is dat je samen meer kunt dan alleen. En de mens had in z’n eentje weinig overlevingskansen. Door zich volledig in te zetten voor de groep werd zijn positie in de groep verzekerd en kon de groep maximaal effectief zijn. Een hoge inzet voor de groep had zo ook voor het individu een toegevoegde waarde voor zijn reproductief succes. Evolutionair gezien is het dus van belang voor het individu zijn beste beentje voor te zetten.

Maar de mens heeft natuurlijk niet het belang zich voor willekeurig welke groep mensen in te spannen, in tegendeel. Onze voorvaderen hadden met verschillende soorten groepen te maken, sommige bevriend, andere doodsvijanden. Evolutie heeft het brein zo geprogrammeerd dat de mens een goed onderscheid kan maken wanneer het voor hem (biologisch) zinvol is bij te dragen en wanneer niet. Dit programmeerwerk vinden we terug in de werking van emotie en motivatie. Wanneer een situatie aan bepaalde typische kenmerken voldoet is hierdoor de kans groter dat iemand gemotiveerd zal zijn om zich volledig in te zetten voor de groep. Voorbeelden van dit soort kenmerken zijn:

kleine overzichtelijke groepen waarin iedereen elkaar goed kent,

samenwerken heeft een toegevoegde waarde (synergie),

er zijn gezamenlijke doelen en waarden,

er is onderlinge steun en vertrouwen.

Naarmate deze kenmerken sterker aanwezig zijn, zal de motivatie sterker zijn. Context bepaalt zo motivatie. Meetinstrumenten zoals de HPC kunnen dieper inzicht geven in hoe deze en andere kenmerken aanwezig zijn. Op deze wijze kan gericht gewerkt worden aan het verbeteren van motivatie.

Evolutionair management

We kunnen in vrijwel elk aspect van ons functioneren in organisaties deze evolutionaire benadering hanteren. Ook 80.000 jaar geleden waren innovativiteit, prestatie of leiderschap cruciaal voor het overleven van groepen. Wanneer we weten welke oplossingen de natuur heeft gevonden voor deze uitdagingen, dan kunnen we een betere inschatting maken hoe mensen in de moderne context beter kunnen functioneren. De evolutionaire psychologie biedt zo een nieuwe en krachtige benadering voor vraagstukken rond productiviteit. In Darwin voor Managers (Scriptum, begin 2009) beschrijf ik hoe deze stap naar de praktijk gemaakt kan worden. De revolutie die nu gaande is in de psychologie, kan managers helpen hun belangrijkste uitdagingen effectiever aan te gaan.

Meer weten over evolutie en werk: bestel hier Darwin voor Managers

Meer weten >>

Advertenties